7 mei 2025

Wanneer bent u als werkgever aansprakelijk voor een bedrijfsongeval?

Stelt u zich eens voor: u werkt al jaren met dezelfde zelfstandige. Hij stuurt facturen, factureert btw en heeft een eigen kvk-nummer. Toch krijgt u in 2026 ineens vragen van de Belastingdienst over de aard van uw samenwerking. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

Een ongeluk op de werkvloer is natuurlijk iets wat je als werkgever het liefst voorkomt. Toch gebeurt het soms. En dan rijst al snel de vraag: ben ik als werkgever aansprakelijk voor de schade?

In dit artikel wordt kort uitgelegd wanneer dat zo is en geven we enkele praktijkvoorbeelden.

 

Zorgplicht van de werkgever

De wet (artikel 7:658 BW) zegt dat een werkgever moet zorgen voor een veilige werkomgeving én die maatregelen treffen en aanwijzingen verstrekken die redelijkerwijs noodzakelijk zijn om ongevallen te voorkomen. Dat noemen we de zorgplicht.

Dit geldt niet alleen voor eigen werknemers maar bijvoorbeeld ook voor uitzendkrachten en ingeleend personeel.

Krijgt een werknemer een ongeluk, dan dient allereerst de werknemer te bewijzen dat hij schade heeft geleden in de uitoefening van zijn werkzaamheden.

Bij schade tijdens het werk is de werkgever aansprakelijk, tenzij de werkgever kan bewijzen:

  1. dat hij heeft voldaan aan zijn zorgplicht, of
  2. de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer

Of aan de zorgplicht is voldaan, hangt af van de omstandigheden van het geval, zoals de aard van het werk, risico’s en de haalbaarheid van veiligheidsmaatregelen.

Hieronder twee voorbeelden, waarin in het ene geval de werkgever aansprakelijkheid werd geacht en in een ander geval niet.

 

Recente voorbeelden uit de praktijk

De Rechtbank Overijssel oordeelde onlangs dat de werkgever zijn zorgplicht had geschonden.

Wat speelde er?

Een werknemer raakte gewond tijdens werkzaamheden op een bouwplaats, vermoedelijk door te struikelen over wapeningsstaal. Hij meldde zich ziek en vorderde schadevergoeding van werkgever.

De rechtbank stelt vast dat de werkgever zijn zorgplicht heeft geschonden door het looppad niet vrij te houden, in strijd met eigen veiligheidsvoorschriften.

De rechter acht het daarbij aannemelijk dat de werknemer een kortere route koos en daardoor struikelde, wat voorspelbare risico’s op letsel met zich meebrengt.

Aangezien het causaal verband voldoende aannemelijk is én de werkgever geen tegenbewijs heeft geleverd, oordeelde de rechter dat de werkgever aansprakelijk is voor het ongeval en de daaruit voortvloeiende schade.

 

Dat de zorgplicht niet altijd wordt geschonden, blijkt uit de volgende uitspraak van het Gerechtshof Den Haag.

Hier ging het om een werkneemster die tijdens haar werkzaamheden ten val kwam over een pallet. Ze stelde het inlenende bedrijf aansprakelijk voor de schade die ze als gevolg daarvan had geleden.

De kantonrechter wees de vordering tot schadevergoeding af. Werkneemster ging in hoger beroep. Het hof oordeelde dat, hoewel het letsel tijdens het werk is ontstaan, het inlenend bedrijf niet aansprakelijk is. Dit omdat aan de zorgplicht is voldaan.

Volgens het hof waren de werkzaamheden en de werkomstandigheden niet gevaarlijk van aard. De aanwezigheid van een pallet op een vaste plek bij de productielijn werd niet als een gevaarlijke situatie gezien, mede omdat er genoeg ruimte was om eromheen te lopen en de pallet goed zichtbaar was. Het aanbrengen van extra markeringen of omrastering zou volgens het hof het ongeval niet hebben voorkomen en kon zelfs extra risico’s met zich meebrengen. Daarom wees ook het hof de vordering van de werkneemster af.

 

Tot slot

Als werkgever doet u er goed aan uw zorgplicht serieus te nemen.

Wilt u weten welke maatregelen u kunt nemen om niet alleen ongelukken te voorkomen, maar ook om juridische aansprakelijkheid te beperken of uit te sluiten? De ondernemingsjuristen van The Legal Company helpen u graag. Neem direct contact met ons op door te mailen naar info@thelegalcompany.nl of te bellen naar 020-345 0152.

De afgelopen jaren stonden in het teken van de Wet VBAR, het wetsvoorstel dat een einde moest maken aan onduidelijkheid over de zzp’er. Het kabinet heeft delen van dat voorstel inmiddels geschrapt. Op het eerste gezicht is dat goed nieuws: minder regels, minder administratieve last. Maar in de praktijk blijven dezelfde toetsen overeind.

“De inhoud van de samenwerking is leidend, niet wat er op papier staat.”

De Belastingdienst handhaaft sinds 1 januari 2025 weer actief op schijnzelfstandigheid. En recente uitspraken van de Hoge Raad bevestigen dat rechters strikt toetsen of er sprake is van ondergeschiktheid en gezagsverhouding.

Voor uw praktijk betekent dit drie dingen. Een: leg de samenwerking duidelijk vast, met aandacht voor de inhoud. Twee: voorkom dat een zzp’er feitelijk werkt als werknemer. Drie: wees voorbereid op een controle, en weet hoe u de relatie kunt herzien als dat moet.

Heeft u vragen over uw concrete situatie? Wij sparren dagelijks met opdrachtgevers over hun zzp-relaties. Vraag een offerte op of bekijk onze Legal Safe abonnementen.

mr. Hella Vercammen
mr. Puck de Jong
mr. Bente Brouwer
mr. Niels Terlouw

Verder lezen