Voor veel MKB-ondernemers kan turboliquidatie een aantrekkelijk instrument zijn om een vennootschap snel en efficiënt te beëindigen. Het voordeel van een turboliquidatie is dat het proces snel, relatief goedkoop en administratief minder belastend is. De route lijkt eenvoudig: geen activiteiten en geen vermogen meer, dus de BV kan direct worden opgeheven. Toch schuilen er juridische risico’s achter dit ogenschijnlijk eenvoudige proces. Zeker sinds de invoering van de Tijdelijke wet transparantie turboliquidatie is het van belang dat bestuurders de spelregels goed begrijpen, zodat juridische risico’s voorkomen kunnen worden.
Wat is een turboliquidatie?
Een turboliquidatie is een versnelde manier om een rechtspersoon te ontbinden. In tegenstelling tot een reguliere ontbinding wordt bij turboliquidatie de vereffeningsfase overgeslagen. Dat betekent dat het ontbindingsbesluit direct leidt tot het ophouden te bestaan van de rechtspersoon, zonder dat eerst alle bezittingen te gelde hoeven te worden gemaakt. De onderneming kan vervolgens meteen worden uitgeschreven uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel.
De voorwaarde is wel dat er op het moment van ontbinding geen baten meer aanwezig zijn. Dat begrip moet breed worden opgevat: het gaat niet alleen om liquide middelen, maar ook om andere activa zoals inventaris, vorderingen, deelnemingen, et cetera. Als er nog baten zijn, is turboliquidatie niet toegestaan en moet eerst een reguliere vereffening plaatsvinden.
Misbruik en Tijdelijke wet transparantie turboliquidatie
Tegelijkertijd heeft de turboliquidatie in de praktijk ook geleid tot zorgen. Het is namelijk mogelijk om een rechtspersoon te ontbinden terwijl er nog schulden openstaan. Schuldeisers blijven dan achter met een lege vennootschap die niet meer bestaat, waardoor zij in hun verhaalsmogelijkheden beperkt worden.
Om misbruik van turboliquidatie tegen te gaan, is op 15 november 2023 de Tijdelijke wet transparantie turboliquidatie ingevoerd. Deze wet is tot op heden nog altijd van kracht.
Deze wet verplicht bestuurders om meer openheid te geven over de financiële afwikkeling van de rechtspersoon. Zo moet het bestuur binnen veertien dagen na ontbinding een aantal financiële stukken deponeren bij de Kamer van Koophandel. Het gaat onder meer om een balans en een staat van baten en lasten over het lopende boekjaar en – indien nodig – het voorgaande jaar. Daarnaast moet het bestuur toelichten waarom er geen baten meer aanwezig zijn, hoe eventuele baten voorafgaand aan de ontbinding zijn gerealiseerd en verdeeld en waarom schuldeisers onbetaald zijn gebleven. Ook moeten achterstallige jaarrekeningen alsnog worden gepubliceerd. Vervolgens moeten schuldeisers actief worden geïnformeerd, zodat zij de stukken kunnen inzien en hun positie kunnen bepalen.
De gedachte achter deze regeling is dat schuldeisers beter inzicht krijgen in de gang van zaken rond de beëindiging van de vennootschap en, indien nodig, actie kunnen ondernemen.
Risico’s voor bestuurders
Bestuurders die de hiervoor genoemde verplichtingen niet naleven, lopen het risico op sancties. Het niet voldoen aan de verantwoordingsplicht kan worden aangemerkt als een economisch delict en kan leiden tot een boete van maximaal € 22.500 (of een hechtenis van zes maanden). Daarnaast kan de rechter op verzoek van het Openbaar Ministerie een bestuursverbod opleggen. Dat betekent dat een bestuurder gedurende een bepaalde periode – maximaal vijf jaar – geen bestuurder of commissaris van een vennootschap mag zijn.
Ook los van deze relatief nieuwe wetgeving blijft het algemene kader van bestuurdersaansprakelijkheid van toepassing. Bestuurders kunnen namelijk persoonlijk aansprakelijk worden gesteld als zij hun wettelijke (verantwoordings-)verplichtingen niet naleven.
Waar moet u als bestuurder op letten?
Voor MKB-ondernemers blijft turboliquidatie een bruikbaar instrument, mits het zorgvuldig wordt toegepast. Het is essentieel om vooraf eerst goed vast te stellen dat er daadwerkelijk geen baten meer aanwezig zijn. Daarnaast moet het bestuur kunnen uitleggen en onderbouwen hoe het vermogen is afgewikkeld.
De nieuwe transparantieverplichtingen maken duidelijk dat (financiële) verantwoording geen formaliteit is, maar een essentieel onderdeel van het proces. Zonder goede onderbouwing kan een turboliquidatie achteraf ter discussie worden gesteld.
Tot slot is het belangrijk om oog te houden voor de positie van schuldeisers. Een turboliquidatie mag geen middel zijn om hen bewust te benadelen. Juist wanneer er nog schulden openstaan, is extra zorgvuldigheid vereist.
Wilt u meer weten over uw verplichtingen bij een turboliquidatie of vermoed u dat een schuldeiser een turboliquidatie onjuist heeft ingezet om u in uw verhaalsmogelijkheden te beperken? Neem dan contact op met de ondernemingsjuristen van The Legal Company via info@thelegalcompany.nl of 020-345 0152.
